Search

Organisatie:

4-tallen, met 2 ballen.

 

Praktijk:

B speelt naar A

B zet druk op A

A dribbelt zijwaarts weg en maakt een beweging.

A dribbelt naar de midden en maakt 2 bewegingen in het midden.

B neemt positive A in.

A speelt naar D.

A neemt positive B in.

D speelt naar B.

Idem met C en D.

 

Opmerkingen:

3 tot 4x de beweging oefenen.